De term 'Nederbelg' wordt al zowat 20 jaar gebruikt. Aanvankelijk werden er begin negentiger jaren de vermogende Nederlanders mee aangeduid, die om fiscale redenen naar België emigreerden. Ook de term 'Brasschaatvluchtelingen', dateert uit die periode.
Een belangrijk aantal Nederbelgen deden er helaas ook alles aan om zich als een wat elitair clubje te onderscheiden. Echt integreren in de Belgische samenleving gold niet meteen als een prioriteit en in Nederland werden de belastingvluchtelingen (vanzelfsprekend) ook niet op handen gedragen.
Ruimere betekenis
Ook vandaag kleeft aan de term Nederbelg nog steeds een wat elitair randje. Toch lijkt de term inmiddels een steeds ruimere lading te dekken. Zo worden thans in de praktijk zowel naar België geëmigreerde Nederlanders, als naar Nederland geëmigreerde Belgen steeds vaker aangeduid als 'Nederbelg'.
In totaal wonen zowat 150.000 Nederlanders en Belgen grensoverschrijdend in elkanders land. Stuk voor stuk Nederbelgen die gewild of ongewild meeschrijven aan een bijzonder stukje geschiedenis in de Lage Landen. Stuk voor stuk ook boeiende mensen die een uitdaging niet uit de weg gingen en zich gaandweg ook steeds meer bewust worden van hun bijzondere culturele identiteit.