 |
 |
 |
 |
|
Pensioenadvies
Wie denkt aan grensoverschrijdend werken of ondernemen, moet vanzelfsprekend ook stilstaan bij enkele gevolgen op het terrein van pensioenvorming. Zowel Nederland als België kennen in beginsel een drie-pijler-stelsel. Toch zijn er aanzienlijke verschillen in de verhoudingen tussen deze respectievelijke pensioenpijlers.
In beide landen kan een wettelijke oudedagsvoorziening of basispensioen worden opgebouwd (eerste pijler). In Nederland is dit de Algemene Ouderdomswet (AOW), in België het Wettelijk Rustpensioen (WRP).
Via het bedrijf of de sector waarin het bedrijf actief is kan aanvullend bedrijfspensioen worden opgebouwd (tweede pijler). In Nederland geldt hiervoor de Pensioenwet, in België de wat op de Aanvullende Pensioenen.
Tenslotte kan ook op eigen initiatief én fiscaal gefacilieerd aanvullend pensioen worden gevormd (derde pijler). Denk hierbij in Nederland onder meer aan lijfrente- en koopsompolissen, pensioen in eigen beheer, pensioen-BV's, etc... In België is doorgaans sprake van het zogenaamde individuele pensioensparen, waarop talloze (internationale) varianten denkbaar zijn.
In grensoverschrijdende situaties is het steeds van bijzonder belang goed te kijken naar de samenstelling van de reële pensioenopbouw.
Zo is de Nederlandse AOW-opbouw doorgaans een stuk lager dan de opbouw in het stelsel van het Belgisch Wettelijk Rustpensioen. Anderzijds zijn de bedrijfspensioenen in Nederland doorgaans weer ruimer van opzet. Het is dus zeker niet aangewezen een Belgisch tweedepijlerpensioen te koppelen aan een Nederlands eerstepijlerpensioen. Dit komt helaas echter regelmatig voor, zeker waar sprake is van onvoldoende gecoördineerde detachering en/of grensarbeid.
Benevens werknemers doen ook zelfstandig ondernemers er goed aan steeds optimaal de consequenties van grensoverschrijdende pensioenopbouw te laten inschatten. Niet alleen de actuele opbouw is daarbij van belang. Ook de latere fiscale behandeling van de pensioenuitkering verdient de nodige aandacht.
Wanneer een van beide emigrerende partners geen eigen inkomsten verwerft, kan het zijn dat in het nieuwe land geen automatische opbouw van AOW of WRP plaatsvindt. Opdat geen pensioentekort zou ontstaan, kan een betaalbaarbare oplossing worden uitgewerkt. Voor informatie en persoonlijke begeleiding kunt u steeds contact nemen met het Nederlands-Belgisch Centrum.
Het Nederlands-Belgisch Centrum werkt samen met diverse pensioeninstanties en internationale pensioenactuarissen. Hierdoor kan in elke situatie een passende oplossing worden geboden. Voor informatie en persoonlijke begeleiding kunt u steeds contact nemen met het Nederlands-Belgisch Centrum.
|
 |
|